Engeland,
februari 1952
Pension
Monkswell Manor ontvangt na de opening zijn allereerste gasten, zo maar
een toevallig groepje mensen zoals je die in elk pension op het Engelse
platteland aan zou kunnen treffen. Of lijkt dat alleen maar zo?
De
nieuwbakken pensionhouders hebben in ieder geval een lastige start als het
pension door winterse omstandigheden afgesneden raakt van de buitenwereld.
De spanning neemt in snel tempo toe als blijkt dat het gezelschap niet zo
maar een gezelschap is: één of meer van de mensen in het pension kan in
verband worden gebracht met een moord die eerder op die dag in Londen is
gepleegd. Die moord staat weer in verband met een drama dat zich jaren
geleden heeft afgespeeld op Longridge farm, een boerderij vlakbij het
pension Monkswell Manor.
Brigadier
Trotter, die het pension nog net heeft kunnen bereiken voor het definitief
van de buitenwereld afgesloten zou raken, moet er achter zien te komen wie
van de aanwezigen betrokken is geweest
bij die Longridge farm-zaak. Dat is belangrijk, omdat die persoon in zeer
groot gevaar blijkt te zijn, ja zelfs vermoord zou kunnen worden! Want
wellicht is er een krankzinnige moordenaar in hun midden...
Is
het Mollie, de vriendelijke eigenaresse van het pension? Of weet haar man
Giles meer van de zaak? Is het niet vreemd dat die buitenlandse mevrouw
Paravicini onaangekondigd is komen binnenvallen? En waar is toch die man
van haar waar ze het steeds over heeft? Dan is er nog de jonge meneer Wren
die ronduit gek is. Of doet hij maar alsof? De stuurse juffrouw Casewell
lijkt bovendien iets te verbergen en hoewel majoor Metcalfe sympathiek
oogt, is er met hem ook iets aan de hand.
Kortom:
in ‘De muizenval’ zijn alle betrokkenen even verdacht, niemand is wie
hij lijkt te zijn. Langzaam maar zeker voltrekt zich een drama en tot het
eind toe is het onzeker of de politie de race tegen de klok kan winnen.
Met
spanning en soms een vleugje humor wordt het publiek geboeid en ook
uitgedaagd om zelf te bedenken wie het gedaan kan hebben. Met alle feiten
en theorieën die door de personages opgeworpen worden, lijkt dat voor de
toeschouwer op een ritje met een achtbaan, met het venijn in de staart!